Wedergeboorte

Uit Zaakwoordenboek der Lage Landen
'De Beeltenis ener Vrouwe,' van Leonardo da Vinci.
'De Bruiloft der Maagd', van Raffaello Sanzio.
'David', van Donato di Betto Bardi.
'De Barmhartigheid van Heilige Peter', door Michelangelo Buonarroti.
Zelfstandig naamwoord ♀
Naamval Enkelvoud Meervoud
Eerste de wedergeboorte de wedergeboorten
Tweede der wedergeboorte der wedergeboorten

Betekenis

Geschiedenis:

  1. Een overgangstijdspanne in de Avondlandse geschiedenis tussen de middeleeuwen en nieuwe tijd die gekenmerkt wordt door een op de Grieks-Romeinse oudheid bezielde bloei van kunsten en geschriften.[1]

Godsdienst:

  1. De opnieuw geboren geest, gemoedsvernieuwing, waardoor iemand uit zijn of haar zondige staat overgaat tot een heilig bestaan.[2]

Overdrachtelijk:

  1. Herstel in geestelijke of lichamelijke zin.[1]

Wisselwoord

  1. Herleving.

Vertaling

  1. Renaissance (Frans).[3]

Geschiedenis

De wedergeboorte was een beschaafzame beweging die het Avondlandse verstandelijke leven in de vroeghedendaagse tijdspanne diepgaand heeft beïnvloed. Het begon te Italië en verspreidde zich in de zestiende eeuw over de rest van Avondland. De invloed ervan was voelbaar in kunst, bouwkunst, wijsbegeerte, letterkunde, toonkunst, wetenschap, vaardkunde, bewindschap, godsdienst en andere aanzichten van verstandelijk onderzoek. Wedergeboorte-geleerden gebruikten de menszinnige handelswijze in het onderwijs, en zochten naar echtzin en menselijke gemoedsbeweging in de kunst.

Wedergeboorte-menszinnigen zoals Poggio Bracciolini zochten in de librijen van Avondland naar de Latijnse letterkundige, geschiedkundige en redekunstige teksten uit de oudheid, terwijl den val van Constantinopel (1453) een golf van uitgeweken Griekse geleerden voortbracht die kostbare handschriften in het Oudgrieks meebrachten, waarvan vele in het Westen in de vergetelheid waren geraakt. Het is in hun nieuwe gerichtheid op letterkundige en geschiedkundige teksten dat de geleerden der wedergeboorte zo duidelijk verschilden van de middeleeuwse geleerden der wedergeboorte der twaalfde eeuw, die zich hadden gericht op het doorlichten van Griekse en Arabische werken van natuurwetenschappen, wijsbegeerte en wiskunde, in plaats van op dergelijke beschaafzame teksten.

In de heropleving des nieuwen platonzins verwierpen de menszinnigen uit de wedergeboorte het christendom niet; integendeel, veel der grootste werken der wedergeboorte waren eraan gewijd, en de Kerk was beschermheer van veel kunstwerken uit de wedergeboorte. Er vond echter een verfijnde verschuiving plaats in de wijze waarop verstanders godsdienst benaderden, die werd weerspiegeld in veel andere gebieden des beschaafzamen levens. Bovendien werden veel Grieks-christelijke werken, waaronder het Griekse Nieuwe Testament, uit Byzantium teruggebracht naar West-Avondland en voor het eerst sinds de late oudheid betrokken bij westerse geleerden. Deze nieuwe betrokkenheid met Griekse christelijke werken, en in het bijzonder de terugkeer naar het oorspronkelijke Grieks van het Nieuwe Testament, bevorderd door de menszinnigen Lorenzo Valla en Desiderius Erasmus, zou de weg helpen effenen voor de hervorming.

Lang nadat de eerste kunstzinnige terugkeer naar den oudszin was veraanschouwelijkt in de beeldhouwkunst van Nicola Pisano, streefden Florentijnse schilders onder leiding van Masaccio naar een werkelijke weergave der menselijke vorm, door vaardigheden te ontwikkelen om doorzicht en licht vanzelfsprekender weer te geven. Bewindschappelijke wijsgeren, vooral Niccolò Machiavelli, poogden het bewindschappelijke leven te beschrijven zoals het werkelijk was, dat wil zeggen redelijk te begrijpen. Giovanni Pico della Mirandola, een scherpzinnige bijdrage aan het Italiaanse menszin der wedergeboorte, schreef de beroemde tekst De hominis dignitate (Redevoering over de waardigheid des menses, 1486), die bestaat uit een reeks stellingen over wijsbegeerte, steekhoudend denken, geloof en toverkunst die op grond der rede tegen elke tegenstander worden verdedigd. Naast de leer des oudsen Latijns en Grieks, begonnen de makers der wedergeboorte ook steeds meer de volkstalen te gebruiken; samengevoegd met de invoering der drukpers zou dit veel meer mensen toegang geven tot boeken, vooral de Bijbel.

Al met al kan de wedergeboorte worden gezien als een poging van verstanders om het wereldlijke en wereldse te doorlichten en te verbeteren, zowel door de herleving van denkbeelden uit de oudheid als door nieuwe benaderingen van het denken.[4]

Bron, aantekening en/of verwijzing